Het Beloofde Land

Spit#45 · Nepal

Het Beloofde Land

N

amasté freunden!

De finishlijn is in zicht! Varanasi’s rookpluimen, waartussen de zieltjes opstijgen op zoek naar een nieuw begin, krabben zich door de strakblauwe lucht achter ons omhoog, maar wij kijken niet op of om. Eye’s on the ball! Let’s get the fuck out of here! Nog 1 dag doorbeuken en dan zijn we er, het beloofde land; Nepal! Ook wel India Light genoemd. Prima!

En daar is hij dan. Het enige waardevolle in India voor ons op dit moment: de grens! We passeren een gigantische file van vrachtwagens, later gasten, wij hebben haast! En dan start wederom het grensritueel, een choreografische paringsdans in reverse, in plaats van nader tot elkaar te komen nemen we afscheid! Hartelijk afscheid! En dat begint zoals altijd, bij de Immigration Office. We wurmen ons met het paspoort in de hand een weg tussen een groep monniken, veroveren onze uitcheck-stempels en wurmen ons weer terug naar de auto.

Stap twee is Customs, hier wordt ons Carnet de Passage netjes afgestempeld zodat ook Olly India officieel heeft verlaten. Dat ging soepel, veel te soepel… Iets klopt er niet, grensovergangen gaan nooit soepel bij ons. Maar India ligt al achter ons, en het beloofde land, ons Nirvana, ligt voor ons. De Nepalese grens schijnt een van de makkelijkste crossings ter wereld te zijn dus… kan niet missen, zou je denken!

Ok even wat uitleg. Een Carnet de Passage, het paspoort van je auto, is slechts een jaar geldig. Dat is geen probleem want je kan een nieuwe aanvragen, die borduurt dan vrolijk verder op je oude. Kost je wel weer 300 euro, joe! Die van ons verloopt op 14 maart, dus vooruitlopend op de zaken, hebben we al een nieuw Carnet besteld en in laten gaan op 1 januari 2019. Mirte heeft dit Carnet in december meegenomen uit Nederland. Goede voorbereiding is het halve werk en dus geen wolkje aan de lucht... zou je denken! Een voorwaarde is wel dat de in- en uitstempel van hetzelfde land in hetzelfde Carnet moeten staan. Dus je mag geen IN-stempel van Nepal in het ene Carnet, en de UIT-stempel in het andere Carnet hebben staan, want dan krijg je je borg (à 5000 euro!!!!) niet terug als je weer in Nederland bent. Volgen we het nog?

Dus op het moment dat wij op 14 februari Nepal binnen komen rijden, willen we de IN-stempel alvast op ons nieuwe Carnet, die is immers al geldig vanaf 1 januari, en dan weten we zeker dat ons Carnet ook geldig is als we Nepal weer uit gaan. Goed, dus wij overhandigen het nieuwe Carnet aan de stugge Nepalese grenswachter. Die slaat ons Carnet open en schiet helemaal in de stress. Er staat geen enkele stempel in?! HOE KAN DAT NOU!? Maar hoe ben je dan door India gereden? Nepal is omringd door India, dus IEDEREEN die met een Carnet Nepal binnenkomt heeft er een India stempel in staan. Dit kan ik niet stempelen, zegt ie. Zucht, wij terug naar de bus, het oude Carnet halen. Kijk, hier staan de stempels van Iran, Pakistan, India, geen probleem vriend, deze verloopt binnenkort dus graag de nieuwe afstempelen.

N

ee. Nee. Nee. De oude is nog steeds geldig, zegt hij. Wij leggen hem uit dat de nieuwe óók al geldig is. Hij snapt er niks van. Dikke ERROR in het hoofd van de grenswachter. Dus er wordt gebeld met zijn meerdere en de meer meerdere en de meer meerdere van de meerdere enzovoorts. Niemand lijkt het te begrijpen. Uiteindelijk wordt er besloten dat we met ons nieuwe Carnet terug naar de Indiase Customs moeten, waar ze ons moeten instempelen en gelijk weer uitstempelen, zodat Nepal niet de eerste is die ons Carnet instempelt, want dat is veel te eng. Mijn god, MOETEN WE SERIEUS WEER TERUG NAAR INDIA!?

Maar er zit niks anders op, dus schuiven we weer aan bij onze Indiase vrienden bij Customs. Ze snappen er ook he-le-maal niks van, wel van ons verhaal maar niet van de handelswijze van hun Nepalese collega’s. Waarom stempelen ze jullie nieuwe Carnet niet gewoon af? Geen idee! Samosa en wat masala chai, meneer? Maar natuurlijk! Wow, toch nog wat gastvrijheid zo op de valreep.

Uiteindelijk komt de Nepalese baas der grenswachters op bezoek bij de Indiase Customs. Hij zit er een beetje als een verlegen schooljongetje bij, helemaal wanneer de Indiase mannen hem op vol volume en zeer neerbuigend toespreken. Je ziet de verwarring alleen maar toenemen. Uiteindelijk komt hij met een nieuw plan. Ze stempelen het oude Carnet en dan moeten wij op 14 maart, wanneer het nieuwe Carnet ingaat, weer naar een Nepalese grens om het Carnet uit te laten stempelen, en het nieuwe in te laten stempelen. MOETEN WE DAN VANUIT DE HIMALYA WEER HELEMAAL NAAR DE GRENS?! Nou oké, naar het vliegveld van Kathmandu mag ook, zegt hij alsof het een groot kado is.

Het vliegveld!? Ik vraag hem hoeveel auto’s er per jaar de grens oversteken op het vliegveld van Kathamndu. Daar kan hij wel antwoord op geven: geen. Ah… Dus hebben ze daar de juiste stempels om onze auto in en uit te stempelen? Nee! Ah… Dus dan moet ik alsnog naar de grens? Ja. En dan weer India in? Ja. En gelijk weer uit? Ja. Is dat niet wat omslachtig? Ja. De man zit er beteuterd bij terwijl zijn Indiase collega’s hem vol ongeloof aanstaren (zijn ze goed in). Pffff… Het wordt de man te heet onder de voeten en hij vertrekt, geen oplossing! FAK!

W

e laten het er niet bij zitten, we bellen de Duitse ADAC (soort ANWB die de Carnets verstrekken), en ze stellen ons in het gelijk. Gewoon je nieuwe Carnet instempelen, van het oude Carnet moeten ze afblijven. We vragen de Nepalese douaniers de ADAC te bellen, daar worden ze helemaal nerveus van. Uiteindelijk mogen we mee naar een gebouw met ontzettend veel balies en chaos en stempels en papierwerk. We gaan nu naar de baas z’n baas en daar de baas van. Die kijkt, knikt, roept zijn onderdaan, die roept zijn onderdaan, die roept het mannetje waar we als allereerst mee te maken hadden en draagt hem op ons nieuwe Carnet in te stempelen.

P

uur gezichtsverlies voor deze man, met veel tegenzin stempelt hij ons in. Wanneer ik het Carnet wil aannemen grist hij het weg. Eerst de auto nog even controleren. Oké, vriend jij je zin. Na 4 uur gesteggel kan dit er ook nog bij. Compleet gesloopt rijden we nu in de schemering het beloofde land binnen. Bij een slagboom worden we gestopt door een verbaasde agent… Wat nu weer?! "HOW MANY PEOPLE!?" vraagt ie. "Just two!?" In zo’n grote bus? "It’s our house!", roepen we terug. "House?" Hij kijkt achterin de bus, een grote glimlach verschijnt op zijn gezicht! Nice! En we worden vriendelijk doorgelaten. Pfoef.

Michel en Renée, die fluitend de grens over gingen, hebben al een plekje gevonden om te tukken. Zij hadden ondertussen ook een simkaart voor ons geregeld, dus godzijdank hebben we bereik en navigatie. In het donker, verblind door de stofwolken en het grote licht van onze tegenliggers, vinden we onze weg naar het resort waar we onze wagens mogen parkeren. Compleet gesloopt vallen we gelijk in slaap.

En dan, dan begint er een week, waarin we niks anders doen dan CHILLEN! We doen HE-LE-MAAL NIKS! NIKS! Eten, dat is de grootste inspanning van de dag. We sleuren ons naar restaurantjes om momo’s te eten, en Nepalese Thali en Chow Ming en rijst en friet en nog meer vreten! Ondertussen wordt er hard onderhandeld over de prijs van de Myanmar crossing, en uiteindelijk komen we tot een acceptabel bedrag zodat we de hotels kunnen boeken. Een hele klus, maar ik heb er wel plezier in en zo ontstaat het idee om bij thuiskomst een reisbureau te beginnen; Turtle Travel Tours - Go slow!

E

n we gaan super slow, we genieten van de rust, geen getoeter meer, wow! Geen afval op straat! Geen brandend plastic! De geur van bloemen! Kleine kindjes die hun kleine knuistjes tegen elkaar slaan en heel hard NAMASTEEEEEEEE roepen en dan keihard beginnen te lachen wanneer je ook je handen tegen elkaar slaat en nog harder terug roept. Er is weer humor, de mensen snappen sarcasme, er kan weer gedold worden. Hè, hè, we hebben weer contact, goedemorgen!

Na een tijdje vegeteren is het tijd voor een cultureel uitstapje, we zijn immers in Lumbini, de geboorteplaats van Gautama Siddhartha! Wie? Buddha jongens, de Buddha! Ja, ja, geboren als prins maar toen hij de ellende van het volk van dichtbij aanschouwde toen hij zijn paleiselijke muren ontvluchtte was hij ontroostbaar. Waarom bestond er zoveel leed in de wereld? Hij ging op zoek naar de zin des levens, mediterend onder een boom bereikte hij Nirvana, de verlichting. Hij gaf zijn prinselijkheid op en begon zijn teachings, met als doel al het menselijk leed een halt toe te roepen, verlichting voor iedereen!

E

en super heilige plek dus! Van het kasteel waar hij is geboren zijn slechts wat restanten over maar het blijft indrukwekkend. Ontzettend veel boeddhisten komen hier naar toe om te mediteren en gouden plakvelletjes te drukken tegen de muur waar Buddha is geboren. Het is een prachtig aangezicht.

Rondom dit vergane paleis zijn allerlei kloosters, tempels en standbeelden opgericht. Geschonken door landen over de hele wereld, Myanmar, Japan, China, Korea – elk land waar ook maar een boeddhist rondloopt heeft zijn steentje bijgedragen.

De volgende dag besluiten we ons kampeerkamp op te doeken en verder te trekken. Onderweg stoppen we ergens om te lunchen. Wanneer we buiten in de zon zitten komen we alle vier haast tegelijkertijd tot dezelfde realisatie… Wow, wanneer hebben we voor het laatst buiten in het zonnetje gegeten? Dat zou je in India nooit doen, je zou gek worden van het lawaai en de mensen. Hier laat iedereen je met rust, geen getoeter, geen gestaar, hoogstens een vriendelijke lach en een zwaaiende hand.

W

e zijn op weg naar Chitwan National Park, het thuis van menig krokodillen, hertjes, vogels, neushoorns en de befaamde Bengaalse tijger! Niiiice! Google Maps stuurt ons alleen een fietsbrug over waar we met geen mogelijkheid overheen kunnen. Een Zwitser, die net voorbij fietst, ziet dit gebeuren en wijst ons de weg naar een Tharu village waar we prachtig aan een rivier kunnen staan. We parkeren naast een community homestay waar we vervolgens elke avond eten en boeken via deze homestay onze jungle safari!

En mensen, dit plekje, is hemels! Langs de rivier zien we het dorpse leven aan ons voorbij trekken. We zien hoe mensen zichzelf, hun fiets, auto, kleren, koeien, buffels en olifanten in de rivier wassen. Hoe er wordt gevist maar ook gespeeld. Kinderen rennen af en aan wanneer ze ‘s middags hun schooluniform inruilen voor hun dagelijkse kloffie. Binnen no time verandert ons kampement in een kinderdagverblijf, ze oefenen hun Engels, we zingen Nepalese kinderliedjes via Youtube, spelen jeux de boules totdat iemand een bal tegen z’n scheen aangegooid krijgt en maken tekeningen! En dat allemaal onder leiding van onze kleuterleidster Saskia!

Ja mensen, want Saskia en Feico hebben ook een eindsprint door India getrokken om lekker te relaxen met de rest van Kamp Holland! Met drie auto’s sterk is de gezelligheid haast compleet (we hebben jullie gemist Pien en Paul). Elke avond gaan we een lekker hapje uit eten, wassen onszelf in de rivier en bespreken de opties van een commune in Nederland.

M

aar na lange tijd chillen is het tijd voor… AVONTOER!!! Gewapend met telezoomlens en verrekijker trekken we per kano het Chitwan National Park in, op jacht naar TIJGERS en NEUSHOORNS! Hiiii-aaaaahw!

De dag begint met een twee uur durende kanotocht. En zo glijden we de rivier af, steeds dieper de jungle in, we zien de meest exotische vogels. Van de prime-minister vogel, zo genoemd omdat het lijkt alsof hij in driedelig pak loopt, tot aan de felblauwe King Fisher. Prachtig! En rustgevend… Totdat we de eerste krokodillen zien zonnebaden! Fuck, onze kano voelt opeens een stuk instabieler. Maar oké, de beestjes zonnebaden vredelieve…. Ho shit, daar zwemt er een! Oké, geen paniek, handjes binnen boord en voor je uit kijken!

E

enmaal veilig aan land verzamelen we in een houten uitkijkpost waar de gids de veiligheidsmaatregelen met ons doorneemt. Als we een neushoorn tegenkomen, klim dan zo snel mogelijk in een boom. Bij een tijger ren je niet weg, blijf staan, doe een stap naar voren en drie achteruit… Euh oké… En bij een wilde olifant? Tsja… good luck! Ga achter een boom staan en bid of spring een ravijn in. Joe! Ahjoh de kans dat we iets tegenkomen is haast nul.

We hebben nog geen 100 meter gelopen wanneer de gids opeens bij Michel in zijn armen springt en keihard ‘TIGER’ sist, tegelijkertijd ritselt het hoge gras wild alle kanten op gevolgd door een ijzige stilte (het is 33 graden). Saskia en Mirte verschieten van kleur, en de rest doet net alsof alles prima oké is, hè, joh, nou, poe, shit, fuck, kut! Het pad is nog zeker een paar honderd meter lang, beide kanten hoog gras, je ziet geen fuck. Bij ieder geluidje springt je hart in de keel. Ik moet opeens aan dat verhaal denken over die Franse toeristen die tijdens een rit door de Beekse Bergen besloten om uit te stappen en bijna door een groep leeuwinnen werden opgegeten. En hoe hartelijk we daar om hebben gelachen…. Ha-ha… ha… Sta je dan met je twee gidsen, ieder een bamboestok in hun hand, succes!

M

et knikkende knietjes vervolgen we onze tocht wanneer naar 10 minuten het gras weer ritselt nu zijn het Renée en Saskia die roepen ‘TIJGER TIJGER!!!’ Ik zie nog net een oranje vlek wegschieten. WHAAAAT THE FAAAAAAK! Natuurlijk was het plan om een tijger te zien, maar niet op 2 meter afstand, nee gewoon vanaf een metertje of 30 terwijl het beest rustig uit een riviertje lebbert. Mon dieux! En we moeten nog 5 uur!

Maar gelukkig ruilen we het hoge gras al snel in voor de dichtbegroeide jungle, nu zien we echt niks meer! Maar het is er prachtig, alsof je in de droomvlucht van de Efteling rondloopt. En dan gaat de vuist van onze gids weer omhoog, HALT! Gevolgd door geritsel, fuck!! Maar dit keer is het een groep herten met enorme geweien. Gracieus springen ze op hoge poten door de dichte begroeiing terwijl het zonlicht hun silhouet omrandt. Magisch! Het gaat even te snel voor mijn camera, balen! Achjah, het zit in m’n kop dus geloof me maar.

En zo ploeteren we verder, onderweg komen we bergen en bergen aan neushoornschijt tegen, maar de beesten zelf zien we niet. We wachten bij meertjes, maar zien enkel een schildpad... ja later! Daarvoor riskeren we onze levens niet! Wanneer de dag ten einde dreigt te komen, slaat de sfeer een beetje om. Voor sommige is dit al de derde vruchteloze safari, als we geen neushoorn zien dan doen we dit nooit meer is het devies.

Maar dan! We komen een hoek om en door het hoge groene gras staat er een! Een uit de kluiten gewassen pony met het pantser van een tank. Het lijkt wel een dinosaurus, en dat is het ergens ook! Hij staat rustig op wat gras te kauwen terwijl de vogels om hem heen aan zijn huid plukken, het lijkt hem niks te deren. En daar zitten we dan met z’n allen, in complete stilte en ontsteltenis. Wat een machtig apparaat, de verrekijker gaat van hand tot hand, pure bewondering! Totaal gehyped lopen we terug naar de jeep die ons terug brengt naar Kamp Holland!

D

e volgende dag doeken we Kamp Holland op, tijd voor een nieuw stekkie. En die vinden we in de bergen van Nepal, we kunnen ons geluk niet op, we zijn weer aan het wildkamperen! Naast een kabbelend beekje, met drie auto’s! We pruttelen onze eigen gerechten weer bij elkaar en doen het ons laten smaken! We toppen de dag af met een knus kampvuurtje, ons genot kent geen grenzen! YES! We zijn weer vrij! Nou ja… Bijna dan, morgen naar Kathmandu, en je raadt het al, bovenaan de to-do list staat… Jawel, een garage! De puinhopen van Udaipur moeten nodig worden hersteld!

P

HOTO

ALBUM

CHITWAN

PHOTO

ALBUM

THARU VILLAGE

Genoten van dit verhaal?

Wij brengen ze nu naar buiten.

Maak kennis met Time Travel Tours →