
rienden-lijke Volgelingen!!
Even geen geregel, geen gestress, geen gepuzzel, het is tijd voor vakantie. En niet zomaar een vakantie, een hike-vakantie (lees: wandelvakantie)! Nooit gedacht daar ooit zin in te hebben, mijn 14 jarige-ik had als pertinente doelstelling geen voet buiten de Franse camping te zetten - tenzij de wekelijkse disco zich daar bevond. Maar tijden veranderen, een hike-vakantie (lees: wandelvakantie) it is! En dan ook niet zomaar een hike-vakantie (lees: wan… juist), NEEN! Een hike-vakantie in de Himalaya van.. .schrik niet, zeven dagen!
Mijn hemel, als dat maar goed gaat! Want hoe navigeer je dan? En sleep je dan voor zeven dagen aan voedsel mee? En hoe zit het met water!? En overnacht je dan in een tentje? En, en, en… Rustig, RUSTIG!!! We zijn ervaren avonturiers, wir schaffen das, kein probleem, Mutti-Merkel-Modus aan en gaan. De Himalaya klinkt bot, maar we gaan de Everest niet beklimmen hè, ho ho. We gaan rondhupsen in de Annapurna regio, een berggebied met twee 8k+ toppen, dat is 8000 meter hoog. Daar hebben we er slechts 14 van op ons aardbolletje, waarvan er maar liefst acht in Nepal liggen! Alle 14 behoren trouwens tot de Himalaya, de overige 6, waarvan de K2 de bekendste is, liggen in Pakistan, China en Tibet. ZIEK! Van die acht knoeperts gaan we er twee zien: Annapurna I (8091m) en Dhaulagari I (8167m). Daarnaast zijn er in de Annapurna regio nog 13 bergtoppen met een piek hoger dan 7000m en 16 bergen die hoger zijn dan 6000m. Even voor de duidelijkheid, de Mont Blanc is 4810m hoog. Joe!
Rustig nou! RUSTIG! Nee, zo hoog gaan we niet, onze hoogste top ligt op 3210 meter, dus dat valt te overzien. Ok volgende vraag: navigatie, hoe dan? Nou, je kan een gids nemen, maar dat kost geld en is super laf! We hebben een app genaamd Maps.me en daarmee komen we een heel eind, tenminste dat hopen we. Gedurende de trek is mijn neus vergroeid met deze app, ik ben constant aan het checken of we goed gaan maar belangrijker nog, of er geen avontuurlijkere afslag bestaat die ons 'het ECHTE Nepal' laat zien! #hangenmetdelocals. Het plan is om van Naya Pul naar Poonhill te lopen, dan naar Ghorepani, en dan helemaal terug naar het zuiden om daar de bus te pakken naar Pokhara. In totaal zo’n 75 kilometer, niet niks! Als de beentjes dat maar aankunnen. Er is maar één manier om daar achter te komen… Hey-ooo let’saaa-go!
We beginnen in Pokhara, een voor Nepalese begrippen grote stad, maar niks vergeleken met Kathmandu. Pokhara is hét startpunt van alle toeristen die een poging wagen te gaan wande… hiken! En dat zie je, overal zijn hippe, luxe restaurants en het barst er van de outdoorstores. Iemand out van het merk SouthFace gehoord? Wij ook niet! Goed, onze laatste avond in de bewoonde wereld… Mmh, what to do, what to do… Juist! PIZZA!!! En man dat is lang geleden zeg, want in India snappen ze er helemaal niks van als het op pizza’s aankomt, daar krijg je een plat brood waar een blik ongekookte Bonduelle groente overheen is geflikkerd met wat gesmolten nepkaas. Hier niet! Hier kwam de pizza zo uit de steenoven, met echte kaas, het was genieten geblazen!
p de weg terug pak ik nog snel een kappertje mee, je wilt natuurlijk goed voor de dag komen wanneer je bij Moeder Natuur op bezoek gaat. De kapper gaat helemaal los, knippen, trimmen, scheren, wassen, gelletje erin, aftershave, nog een crème, en nog één, en nog één.. En dan opeens trekt hij zo m’n shirt omhoog. Massage? Ja joh, waarom ook niet! Ik heb al vaker een hoofdmassage gehad bij de kapper, maar deze gozer gaat all-in! Het voelt een beetje raar om voorover gebogen in een kappersstoel te hangen terwijl een volwassen vent zijn ellebogen in je rug plant, maar mijn hemel, de beste man weet wel waar hij mee bezig is. Dit tot grote frustratie van Mirte en Rianne, die al zeker een uur zitten te wachten en nu jaloers mijn kant op kijken. Mijn nek wordt nog even gekraakt en dan is het voorbij. Ok, betalen. Wat zal het zijn? Knippen, zoveel, baard trimmen zoveel, facial zoveel, massage zo-… Ho-eens! Ik wist niet dat ik hiervoor moest betalen… Damn, het is een scam! Ik ben er keihard ingetuind, de massage alleen al kost me 25 euro. Later! Ik stop hem snel 15 euro aan Nepalees geld toe en maak een wegwerp gebaar. Ik kan alleen niet echt boos op hem worden, want man wat was die massage hemels! Snel weg hier.
e volgende ochtend worden we opgehaald door een taxi die ons naar Naya-pul zal brengen, het startpunt van ons avontoer! Tijdens de rit zien we de gigantische kolossen (pleonasme, maar toegestaan wanneer het over de Himalaya gaat, red.) rustig op ons liggen wachten. WOW! STOP THE CAR! Even uitstappen, even kijken, jezus wat een apparaten! De taxichauffeur kijkt niet op of om, business as usual. We worden afgezet bij het slaperige dorpje genaamd Naya Pul. Vandaag gaan we zo’n 8.5 kilomter lopen naar Thikedunga, wie kent ’t niet.
o yeah… you know… every journey starts with a first step… En na 10 van die first steps hebben we toch wel een bord eten verdiend! Ja toch? Dus we ploffen gelijk neer. Wat schaft de pot? Pizza, staat op de kaart! Lasagna, is van de partij! Rijstgerechten met vis, vlees, groenten! Pannenkoeken, havermout, vers gebakken brood! Koffie, cola, bier, whisky noem het maar op. Alle trekkinghutjes delen ongeveer hetzelfde menu. Maar hoe dan? Er zijn hier geen wegen, enkel wandelpaden. Gedurende ons avontuur wordt het al snel duidelijk, we horen het geklingel van de paardenbelletjes ons al van ver tegemoet komen. We houden pas op de plaats, en kijken keer op keer vol verbazing en ontzag toe hoe een jonge kerel zijn paardenkaravaan over de smalle steile bergpaden jaagt. In snelle draf, klakken de hoefjes over de oneven paden, terwijl de ruggetjes gebukt gaan onder alle vettige meuk die wij later zullen oppeuzelen.
aar de paardjes zijn niet de enige die gebukt gaan onder een zware last. Meet the Sherpa’s, een bergvolk dat al eeuwenlang in de Himalaya leeft. Hun kleine pezige lijven zijn compleet afgestemd op de uitdagende wildernis, want vergeet niet, hoe hoger je klimt, des te minder zuurstof er in de lucht zit. Op 6000 meter is het zuurstofgehalte al gehalveerd. Op 8000 meter hebben ongetrainde bergbeklimmers zuurstofflessen nodig. Een klimmer die Everest heeft beklommen legt uit dat hij na elke stap een minuut uitrust om de volgende stap te zetten! Wanneer jouw zuurstofniveau onder de 90% zakt, stuurt de huisarts je naar het ziekenhuis. Rond de top van Mount Everest zit je zuurstofniveau zo rond de 60%. Koekoek! Vanaf 3500 meter kun je last van hoogteziekte krijgen wanneer je je lichaam niet laat acclimatiseren aan de hoogte. Hoogteziekte klinkt als een griepje, maar op grote hoogte kan je dit met de dood bekopen. En dat gebeurt dan ook regelmatig. Bij de klim van Mount Everest zijn tussen 1921 en 2018 zijn 293 mensen om het leven gekomen.
Goed, voor de Sherpa’s is dat net even wat anders, ja die sterven ook (van de 293 doden waren 118 Sherpa), maar hun lichaam is veel beter bestand tegen de ijle lucht. Als je verhalen leest over Westerse avonturiers die Everest hebben beklommen, realiseer je dan dat ze dit nooit was gelukt zonder de hulp van Sherpa’s. De Sherpa’s lopen meerdere keren (soms meerdere keren per dag) Everest op om verschillende tentenkampen op te bouwen, klimtouwen te bevestigen, zuurstofflessen klaar te zetten en zekeringen vast te hameren zodat de Westerse ‘avonturier’ enkel het touw nog hoeft te volgen en te blijven ademen (wat uiteraard al een topprestatie is, ken je nagaan!). Pro-tip: tijdens de reis heb ik het boek The Climb gelezen over een catastrofale expeditie in 1996 waarbij 8 doden vielen, een aanrader wanneer je meer te weten wilt komen over de logistiek, de idioterie, het circus, en het avontuur rondom Everest.
Lang verhaal kort, die Sherpa’s lopen ook rond in Annapurna, alleen vervangen we de term Westerse Avonturier voor Westerse Vetklep. Want serieus, wij zijn alle drie niet in topconditie, maar je eigen bagage van hut naar hut slepen lukt zelfs ons nog wel. Daarom kijken we elkaar telkens vol verbazing aan wanneer er weer eens een Sherpa ons bergopwaarts inhaalt met twee gigantische duffelbags en nog wat zooi op z’n rug, gevolgd door twee in matchende ANWB/Bever outfit puffende yuppen. What the fak laten jullie die arme man de berg opsjouwen?! Hoeveel schoenen heb je bij je, wat doet die beautycase daar, wat bezielt je?! Maar goed, deze man verdient zo wel zijn boterham. Achjah. Het is trouwens grappig om te zien dat ze hier de spullen met hun hoofd tillen. Huh? Ja ze binden een band onder de koffers of tassen en binden die band weer om hun voorhoofd en tillen zo met hun hele wervelkolom in plaats van enkel de schoudertjes. Het ziet er super ongemakkelijk uit maar ja, zij zijn de experts. En we hebben ongelofelijk veel respect voor deze gasten. Puffend en hijgend sprinten ze je met drie duffelbags op hun hoofd voorbij op hun afgetrapte gympen. Echt diep maar dan ook diep respect voor deze mannen.
et is vervolgens grappig te zien dat de mannen die in de dorpjes wonen bijzonder weinig doen, maar misschien zijn het Sherpa’s met een ADV-dag? Nee, in de dorpjes, waar we met regelmaat doorheen banjeren, zijn het de vrouwen die aan het bikkelen zijn. Ze dragen grote rieten manden op hun rug gevuld met sprokkelhout, bladeren, aarde of stenen. Het lijkt ons een hard maar toch ook kalm bestaan. Hard werken, maar enkel om voort te bestaan, geen valse dromen, geen materialistische beloften, gewoon het eten uit de moestuin, je vuurtje en het smeltwater. Oké, blijft één van die drie dingen uit, dan heb je een redelijk groot probleem. Desondanks is de sfeer ontzettend kalm en vredig. Kleine kinderen schreeuwen op de top van hun longen al lachend NAMASTÉÉÉÉÉÉ naar ons, oude mannetjes begroeten ons met een vriendelijk knikje, de amicale vrouwtjes kijken ons meewarig aan als we langslopen in onze afritsbroek met matchende bergschoenen, geflankeerd door twee ultralichte verstelbare wandelstokken, terwijl we lopen te lurken aan het tuutje van onze waterzak. Er hangt een heerlijke frisse berglucht, de geur van bloemen en heilige wierrook, vergezeld met het geluid van kabbelende beekjes, het geklingel van de ezelbelletjes en het geritsel van de wind.
ké het is heel mooi, maar… maar… maar waar slapen we dan? Goede vraag! We slapen in guesthouses, het zijn kleine hotels of eerder hostels, met slechts de meest basic voorzieningen. Er is vaak maar één douche die je met iedereen deelt, gelukkig is er wel warm water. Er is vaak een houtkachel in het restaurant maar geen verwarming op de kamer. Slapen met je sokken aan! Tsja, met eigenlijk alles aan… In de komende dagen trek ik m’n kleren überhaupt niet uit! Verder zijn de wandjes flinterdun, ze bestaan uit multiplexplaten die tegen elkaar aan zijn geschroefd. Als de buurman een scheet laat, dan kan de buurvrouw hem voelen. De gebouwen zouden door geen enkele Nederlandse keuring komen, maar het is kiezen of delen, dus we doen het er maar mee. Ohjah en de bedden zijn nog harder dan tijdens de Vipassana, gelukkig ben je na een dag lopen zo gesloopt dat je geen energie over hebt om je daar druk om te maken.
e zijn tijdens het wandelen compleet in trance, misschien wel een beetje verliefd, ja deze manier van reizen bevalt ons wel! En in gedachten worden nieuwe plannen gesmeed, wat zou Olly bij de verkoop opleveren? Hoe lang kunnen we daarvan op pad? Hmmm… We kunnen de PCT gaan lopen die van Mexico langs de Amerikaanse Westkust tot aan Canada loopt. Of van Noord naar Zuid dwars door Nieuw Zeeland! Of van West naar Oost dwars door Nepal!! Of het Pieterpad… Dat kan natuurlijk ook…
Maar dan breekt dag twee aan… en met dag twee komen zo’n drieduizenddriehonderddrieëndertig traptreden gepaard… Oké! Misschien dat de plannen van gisteren toch nog even in de koelkast worden geparkeerd. De bovenbeentjes schreeuwen het uit, zweet wordt in dikke druppels uit het voorhoofd geperst, het lijkt wel te regenen, gutsen mensen, GUTSEN! Kaakjes op elkaar en doorzetten. Maar het uitzicht is adembenemend en er zijn genoeg cafeetjes waar we een kopje koffie, glaasje cola en Snickers kunnen bestellen!
En de dag wordt voor mij nog wat dragelijker gemaakt door Sebastian, een Duitser uit Duitsland, ‘s logisch! Want wat blijkt, ook deze man heeft verstand van fotografie en loopt te zwaaien met een Fujifilm camera! Nog beter, de beste man schiet enkel met prime lenzen en heeft de 23mm f1.4 en 90mm f2.0 bij zich! Dat zegt jullie helemaal niks maar ik word daar heel, heel, heeeeel erg blij van! Want deze lenzen passen dus ook op mijn camera, en zo wisselen van lenzen en schiet ik zo’n 600 foto’s op een dag terwijl we constant over fotografie ouwehoeren. Kan het nog beter?
ee, wel slechter! Want nadat het zweet eindelijk lijkt op te drogen breekt de hemel open en klettert het met bakken hagel naar beneden. We hijsen ons in de regenkleding waardoor we na 10 stappen gezet te hebben weer zeiknat van het zweet zijn. Wederom bewijs dat het leven een paradoxale exercitie in lijden is.
Maar! We hebben Ghorepani gehaald!! we stempelen onze permit af en strompelen de laatste trappen op het durp in.
nmiddels zitten we bijna op 3000 meter en dus is het k-k-k-koud!! Gelukkig brandt de kachel in de eerste de beste hut die we tegenkomen al. We hangen onze natte kleren te drogen, bestellen het vetste voedsel dat de menukaart rijk is en hangen rustig achterover. Maar de rust is van korte duur. We zijn niet alleen in het hostel en binnen no-time is het feest. Men neme:
- een Ierse stoner genaamd Rowan; - een Chinees die Gandalf heet, fanatiek feminist en die-hard fan van de Engelse koningin is; - twee Britse dames genaamd Emily en Lizzy; - een hilarische hostel eigenaresse die bang is voor little tigers (sneeuwluipaarden); - de broodnuchtere Duitser Sebastian; - de giebelgeiten gezusters Spit,
en het circus is compleet. Gierend van het lachen, waarom weet niemand maar de sfeer zit er goed in. Het zal de berglucht wel wezen.
e wekker gaat om 0500 uur, want om 0530 uur trekken we de deur van het hostel achter ons dicht om aan de 300 meter klim van Poon Hill te beginnen. SUNRISE mensen, SUNRISE! Poonhill is met zijn 3210 meter onze Everest en het uitzicht schijnt fenomenaal te zijn en dan met name tijdens zonsopgang. We hadden al onze kleren al aan dus hoeven alleen nog onze hoofdlampjes over ons hoofd te trekken en zo stappen we in het pikkedonker de sneeuw in. We prikken ons met onze wandelstokken een weg naar boven in het ijzige pad. Wanneer we even stilstaan en een blik omhoog werpen, doven we onze lichtjes en kijken naar de duizenden lichtjes die in een galaxy far far away boven onze hoofdjes zweven. Existentiële vragen over het hoe en waarom schieten door je hoofd, nederigheid is het devies. Maar we moeten door, het enige dat telt is het ene been voor het andere te zetten zonder op je bek je gaan en het liefst zo snel mogelijk want de schemering heeft haar intreden reeds gemaakt.
Zeik- en zeiknat van het zweet komen we boven aan de top, waar we ons realiseren dat we een grove beginnersfout hebben gemaakt. Ja, het is slim om je in meerdere laagjes te kleden zodat je wat uit kan trekken. Nee, het is niet slim al die laagjes tegelijkertijd te dragen en dan een berg op te rennen. In alle haast was er geen tijd die laagjes uit te trekken, en wanneer je zo steil omhoog gaat krijg je het vanzelf wel warm, tel daar de extra laagjes bij op en je smelt in je eigen kleding. Totdat je eenmaal boven bent en eindelijk ontspant, precies op dat moment verandert dat laagje zweet wederom in een laagje ijs. Klappertandend staan we te bevriezen in ons eigen ijszweet. Gelukkig is er een kraampje waar ze thee verkopen aan de honderdtwintig man die met ons mee omhoog is geklommen. Tsja. Daar waar het mooi is, gaan de mensen. Rust vind men enkel op de vuilnisbelt.. (Behalve in India..)
We klimmen de uitkijktoren op en zien de 50 kilometer lange Annapurna mountain range met van links naar rechts de volgende bergtoppen: Gurja Himal (7193m), Dhaulagiri II (7751m), Dhaulagiri I (8167m), Tukuche Ri (6920m), Dhampus Peak (6012m), Baraha Chuli (7646m), Annapurna I (8091m), Annapurna South (7219m), Hiuchuli (6441m), Machhapuchhre (ook wel fish tail genoemd, 6993m), Lamjung Himal (6983m), Himalchuli (7893m). We zien enkel de contouren in een grijzige dofheid, totdat de zon opkomt en met haar gouden tentakels het puntje van de Annapurna I bergtop omarmt. De lucht explodeert in een zee van roze, oranje, rode, gele en blauwe kleuren en met haar explodeert de menigte in een wild gejuich, mensen vallen elkaar in de armen, kussen elkaar, dansen, springen, joelen, terwijl de bergketen haar kleurrijke jas aantrekt. Wederom nederigheid, niks dan nederigheid en ademloosheid. Ademloosheid en kippenvel. Zelfs wanneer ik opschrijf gaan de haren weer rechtovereind staan. Maar waarom? Hoe kan het dat een rotsformatie, want in principe is het niet meer dan dat, zo’n impact kan hebben, zo’n oergevoel in ons losmaakt? Herinnert het ons aan die verloren band met de natuur? Is het de lokroep om ons los te scheuren van het materialisme en ons leven te leiden in de schoot van moeder natuur, is het de roep naar avontuur, naar het onbekende? Geen idee maar holy shit wat is het prachtig.
an een afstandje kijken we nog een tijdje in volle bewondering en maken vervolgens rechtsomkeert. Omhoog glibberen is een uitdaging, omlaag glibberen is gekkenwerk. De een na de ander gaat keihard onderuit, we houden ons vast aan uitstekende plantjes en proberen met onze hikepalen grip te vinden. De Nepali deert het niet, die rennen (geen grap) op hun sportschoenen, met een ingehouden glimlach, langs alle Westerse pipo’s die in hun super-expensive-pro-gear naar beneden schuifelen, later sukkels!
Eenmaal beneden ploffen we in plastic stoelen. Vandaag verzetten we ons geen meter meer, koffie, een goed boek (The Climb) en een krankzinnig uitzicht is alles wat we nodig hebben. Mission accomplished. Nu nog terug zien te komen. Nou, dat wordt nog een hele opgave, alleen weten we dat zelf nog niet… Volgende keer meer, voor nu een toetje: nog meer foto’s!
HOTO
ALBUM
ANNA-
PURNA I
