
ieve volgelingen,
We kunnen het niet langer uitstellen, we moeten afscheid nemen van Mr. Tin en dat doen we in stijl. Want op de valreep bewijst Mr. Tin voor de zoveelste keer zijn waarde in boeddhistisch goud. Hij dirigeert ons zonder blikken of blozen tégen het verkeer in, voorbij de lange wachtende rij auto’s, zo naar de grens. We wurmen ons weer de rij in op de juiste rijbaan, en parkeren de auto midden op de brug. Als ik iemand anders dit had zien flikken was ik helemaal uit m'n stekker gegaan, maar wanneer ik er zelf voordeel uit haal is zo’n actie opeens een stuk minder erg.
r. Tin sleurt ons naar het immigratiekantoortje waar we kunnen uitstempelen, collecteert onze Carnet de Passages en gaat hiermee naar Customs. Wanneer onze paspoorten zijn gestempeld komt hij terug met twee keurig uitgestempelde Carnet de Passages. Efficiency is key! No time to waste want we moeten nog een keer op de groepsfoto voor de Special Police. We willen Mr. Tin een knuffel geven maar houden het bij een hand. Nog een laatste blik en dan verdwijnt onze held in de mensenmassa op weg naar de volgende gelukkige toeristen. Maar niet, vóórdat we hebben gekeken náár: de collectie groepsfoto’s die mr. Tin heeft gemaakt voor de Special Police, in willekeurige volgorde:
yanmar ligt nu achter ons, het is te hopen dat de grensovergang naar Thailand net zo soepeltjes verloopt. Want, als de Thaise wet tot op de letter zou worden nageleefd, mogen we ook in Thailand niet zonder gids reizen. Gelukkig wordt de wet niet tot op de letter nageleefd en interpreteert elke Thaise grensovergang deze op zijn eigen unieke wijze. Via via hebben we te horen gekregen dat het mogelijk is déze grens over te steken zonder gids én dat ze Carnet de Passages stempelen, terwijl het officieel geen Carnet-land is. Thailand werkt namelijk officieel met een TIP; Temporary Import Permit in plaats van een Carnet. Het probleem voor ons is echter, dat deze TIP maar 30 dagen geldig is, en Olly twee maanden in Thailand zal blijven. Daarom is het voor ons van belang dat ons Carnet ook wordt ingestempeld, omdat ons Carnet tot december geldig is, en Olly daarmee dus makkelijk twee maanden in Thailand mag blijven. Een maandje mét ons en een maandje zónder ons.
Jaaaa, je leest het goed, Olly zonder ons. Regeren is vooruitzien. Het idee is namelijk om Olly in Thailand te parkeren en vervolgens met openbaar vervoer naar Cambodja te reizen. Maar waarom dan? Nouuuu… In Cambodja heb je ook een TIP nodig, maar deze kun je enkel in Phnom Penh halen. Voor de mensen die hun topografie niet op orde hebben, Phnom Penh ligt niet bepaald aan de grens. Sterker nog, Phnom Penh ligt 8 uur met de bus rijden van de grens. Dat is niet logisch nee, maar fuck logica! Ok dus hoe werkt dat dan? Nou het internet schetst verschillende scenario’s. Je parkeert je wagen aan de grens, pakt de bus naar Phnom Penh, haalt je TIP, rijdt 8 uur met de bus terug en gaat de grens nog een keer over, dit keer mét je eigen wagen. Maar dat is in een ideale wereld. Sommige horrorverhalen gaan als volgt: je parkeert de bus, de bestuurder mag in zijn eentje naar Phnom Penh, de bijrijder moet blijven wachten aan de grens, de bestuurder wacht meer dan 7 dagen in Phnom Penh op de TIP, de bijrijder wacht evenveel dagen alleen aan de grens, en… Nou ja, je snapt het wel, een grote shitshow. En gezien ons trackrecord met grensovergangen lijkt ons beter jullie díe blog te besparen.
Daarnaast hebben we er ook geen tijd voor want we hebben een druk programma de komende weken: we moeten ons China visa regelen, wat van horen zeggen geen makkelijke opgave is, én we krijgen weer hooggeëerd bezoek! Eind april komt de heer Rook - iemand die mij nauw aan het hart ligt, op de koffie, net als mijn familie, ook wel leuke mensen.. En dat allemaal in een tijdsbestek van enkele weken! No time to waste dus! Oh... en we vieren een mijlpaal voor onzen Olly: 250.000 kilometer op d'n tellert! Hiep, hiep! Hoerrrrraaaa!
oed! Terug naar de Thaise grens, waar het dus belangrijk is dat we een stempel in ons Carnet krijgen, zodat Olly niet Ollygaal in het land zal verblijven. Van overlanders die onlangs zelf langs de Taichilek border zijn gegaan hebben bevestigd gekregen dat ze Carnets stempelen, dus dat komt helemaal goed!
DUS NIET. Immigratie was een eitje, gratis visa on arrival (lekker bezig Thailand), stempel in je paspoort en klaar! Maar bij Customs gaat het mis. We krijgen ons Carnet gelijk teruggeschoven, ‘No carnet, you need TIP.’ FUCK. ‘Can we get a two month TIP please?’ ‘No!’. Oké, duidelijk maar eh… We hebben echt twee maanden nodig want we willen de grens met Cambodja niet over, PLEEEASE! ‘No!’ Ze wijst naar de achterkant van ons Carnet waar alle deelnemende landen op staan vermeld, en daar staat Thailand niet op. Ja, kutzooi, dat weten we zelf ook. Maar hoe kan hier iemand dan nog drie weken geleden wél een stempel in zijn Carnet hebben gekregen?! De factor geluk en willekeur is zo groot bij grensovergangen dat we er gek van worden. Wat er wordt beslist bij een grensovergang hangt echt maar net af welk poppetje je die dag tegenover je hebt. Het is alleen zo frustrerend dat de beslissing van dat poppetje verregaande gevolgen heeft voor onze reis.
ffff… fak. De vermoeidheid doet zijn werk en transformeert dit lichte ongemak in pure irritatie. NONDJU! Wat een gezeik. In de brandende zon, bij een drukke grens waar auto’s langs ons zoeven moeten we door een piepklein gaatje in het loket uitvogelen hoe we dit nu moeten oplossen. Moeten we nu over een maand serieus terug naar de grens om ons TIP daar te verlengen en kan dat wel en hoe dan? Allemaal vragen waar geen eenduidig antwoord op wordt gegeven door de dames achter het glas. Na veel miscommunicatie en gebel met hun meerderen komen we erachter dat je TIP niet langer geldig zijn dan je visum. Oké makes sense, maar dat betekent dat we eerst ons Thaise visum moeten verlengen en daarna ons TIP, terwijl we onze paspoorten ook moeten missen voor het China visum, terwijl Lars ook nog langskomt! In de zinderende hitte en tussen alle herrie van de grensovergang horen we onze hersens kraken. HOE. MOETEN. WE. DIT. NOU. WEER. ORGANISEREN?! Onze mentale bandbreedte heeft zijn limiet op dit moment bereikt.
Het is ook vooral de onduidelijkheid die het zo irritant maakt, je weet gewoon niet waar je aan toe bent, helemaal niet als de regels niet gelden of vrij worden geïnterpreteerd. Als de regels echt zouden worden nageleefd komen we het land niet in zonder gids, dus wie geeft ons de garantie dat we onze TIP kunnen verlengen? Die onzekerheid is killing, want dit is bepalend voor onze verdere reis en de beslissingen die daarbij komen kijken. Maar goed, je kan discussiëren wat je wil, en dat wil ik graag, maar het haalt geen flikker uit. Dus accepteren we onze TIP van 30 dagen, blijft ons Carnet ongestempeld en druipen we geïrriteerd af.
Oké, we zijn in ieder geval Thailand zonder gids ingekomen dus dat is mooi meegenomen. Now what? Uh… Ja, het is inmiddels al laat dus laten we maar een slaapplaats zoeken. Na twee weken Myanmariaanse hotels moeten we weer even wennen aan onze levensstijl als clochard. Hoe deden we dat ook alweer? Wat hebben we nodig? Een parkeerplek, wc zou fijn zijn en Wifi… Ohjah ik weet het alweer; op naar de McDonalds!
Onderweg kijken we ondanks de vermoeidheid onze ogen uit… Wow waar zijn we nú weer beland? De snelweg is driebaans, voorzien van duidelijke markering, er zijn stoplichten, de verkeersregels worden nageleefd, mensen gebruiken hun richtingaanwijzers, het asfalt is in perfecte staat. Wat gebeurt hier? Iedereen lijkt in een spiksplinternieuwe Ford pickup te rijden, de verkeersborden zijn groen met wit en de wegen worden aangeduid met ‘Route’ en een nummer, er staan gigantische reclameborden langs de weg, die reclame maken voor nog grotere bedrijven. We zien dierenspeciaalzaken die groter zijn dan de Ikea, overal zien we superstores en autodealers. De Westerse merken buitelen al schreeuwend om aandacht over elkaar. Holy shit, het kapitalisme is er hier met gestrekt been ingevlogen!
n dat merken we helemaal wanneer we de shopping mall binnenwandelen waar de McDonalds ergens verstopt moet zitten. Holy shit, we hebben een reversed culture shock! Na maanden van derde wereldlanden worden we overvallen door deze eruptie aan shiny prikkels. 75 inch televisies, de nieuwste mobiele telefoons, camera’s, Fuji lenzen - oh lord have mercy, het wordt allemaal met schreeuwende teksten in felle schitterende kleuren aangeprezen op een felverlicht voetstuk. En dat alles terwijl John Mayer je zwoel toezingt, en als je tussen de regels door luistert hoor je hem zingen: KOOP MIJ! KOOP MIJ! KOOP MIJ! Zonder dat ik het door heb, loop ik opeens met een folder van Fuji in mijn handen - yesssh… my preciiiious – het ultieme geluk ligt voor het oprapen, is maar één creditcard swipe van me verwijderd: nog één lens, of toch deze nieuwste camera, oeh een DRONE! AARGGH we moeten weg hier!
Wat ons nog meer opvalt… Oude, blanke mannen met jonge Thaise meisjes. Wat een geluksvogels, de liefde ligt hier schijnbaar ook voor het oprapen, hoe flikken die mannen dat toch? Zijn ze zo charmant dat ze Europa zijn uitgezet ter bescherming van ons minder charmante mannen, opdat wij anders geen schijn van kans hebben? Neeeee… Swipe, swipe, swipe, doet de creditcard, alles is te koop in een wereld waar dollartekens de dienst uitmaken. Schaamteloos. Van beide kanten.
e proppen ons snel vol bij ome Ronald (vooral de gratis re-fill Cola doet onze magen ontploffen), en slapen die nacht voor het eerst sinds lange tijd weer in ons eigen bedje. Oké, we staan op de parkeerplaats van een gigantisch winkelcentrum, en ja het is bloedheet, but there ain’t no place like home! En dit huiselijke gevoel zetten we de rest van het weekend voort, we vinden onze nieuwe slaapplek in de Thaise jungle, vinden verkoeling in de rivier, waar we met stoel en al inzitten terwijl we aan het kaarten zijn met onze Duitse vrienden. PFRIIIIIIIIIIIETTTTT, doet ’t fluitje van de militair, hij zwaait hevig met zijn arm en vinger. Huh? We wijzen naar onze stoelen, no? Tafel? Ik, no? Huh, wat? Oh de kaarten? Ja! Ah ok, oh dus we mogen niet kaarten? Nee? Oh… nou… gezellig. Heeft er iemand nog een goed boek? Nee, nou dan gaan we maar weer eens naar een garage!
Ja mensen, de startmotor vertoont nog steeds kuren! Gelukkig is dat het enige. Alex heeft een goede garage gevonden onder leiding van eneJimmy. Een Thaise man die in Amerika heeft gewerkt en gespecialiseerd is in oude wagens. Sounds good! Jimmy is een superaardige vent, hij is alleen erg druk, maar geen probleem, hij helpt ons wel. Ik schroef de stoel uit Olly, ontkoppel de accu en Jimmy’s mannetjes gaan aan de slag. De startmotor wordt gereviseerd en ons rest niks anders dan te wachten. Ondertussen krijgt Hopper, de wagen van onze Duitse vrienden, een welverdiende en grote beurt.
En dan realiseren we ons opeens dat we vandaag ons jubileum vieren! Holy shit, we zijn precies een jaar op pad, en we konden geen passendere plek bedenken om dat te vieren dan bij de garage! Onze Duitse vrienden zijn het zeker niet vergeten, uit het niks toveren ze muffins met kaarsjes tevoorschijn en beginnen Happy Birthday te zingen! Kippenvel! Want een helden! Als kers op de taart neemt Jimmy ons die avond mee naar de lokale markt waar hij eten voor ons koopt terwijl wij lekker rondstruinen. Eenmaal terug bij de garage vallen we hongerig aan en proosten op het volgende jaar! Op de volgende 27.000 kilometer mensen, potnondeju, we zijn in fucking Thailand, wie had dat gedacht!
aar we zijn er nog niet! Cambodja, Laos en China staan voor de deur, en om daar te komen hebben we allereerst een Chinees visum nodig, makkelijker gezegd dan gedaan. Daarom staan we maandagochtend in alle vroegte voor het Chinese consulaat in Chiang Mai. We hebben een hele berg aan papieren bij ons met daarin de planning van onze trip, een brief van onze Chinese tour operator en alle permits die zij hebben om ons door China te gidsen. Want ook in China mag je niet zonder gids met eigen vervoer verkennen.
Na twee uur wachten, zijn we eindelijk aan de beurt, de hartslag gaat omhoog… Zijn we niks vergeten? Jawel! We moeten de hotelreserveringen op het formulier invullen, de boekingsbevestigingen zijn niet genoeg, shit… Uh maar die bevestigingen zijn in het Chinees, fuck! Gelukkig wil een Chinese man ons helpen. Poging 2, yes de formulieren zijn in orde. Top! Dan wordt ons paspoort grondig geïnspecteerd, het is een mooie beestenboel met een Iraans visum, Turkse stempels en maar liefst twee Pakistani visums (de eerste was verlopen waardoor we er nog een moesten aanvragen). Oeeehw de frons op de baliemedewerkster spreekt boekdelen. Wanneer we dan ook nog het verzoek maken om 40 dagen te mogen blijven in plaats van de gebruikelijke 30, wordt het haar teveel, we moeten weer gaan zitten en wachten totdat haar meerdere tijd heeft om ons te woord te staan. FUCK.
Aan de balie naast ons gaat het nog stroever, onze Duitse vrienden worden gelijk geweigerd omdat de achtergrond van hun pasfoto’s blauw is in plaats van wit. Goedemiddag! Laura is woedend, op het aanvraagformulier staat duidelijk dat de achtergrond zowel blauw als wit mag zijn maar de baliemedewerkster says nooooo! Stiekem ben ik opgelucht dat het bij ons eens een keer soepeler loopt dan bij de ander, want meestal zijn wij de sjaak. Maar ik heb te vroeg gejuicht want daar is de meerdere van onze baliemedewerkster.
Ze bladert wat door onze paspoorten, kijkt dan op en zegt op ernstige toon: ‘You’ve been to too many countries! Where you stay longest?’ Uh… Griekenland liegen we, want Iran lijkt ons sowieso geen goed antwoord. ‘How long you stay in Turkey?’, vraagts ze. Uh… Shit sinds wanneer is Turkije een probleem? Dan zegt ze opens resoluut: ‘It will take to long for you to get visa, better go to Chinese embassy in Bangkok.’ Uhm ja dááág daar willen we niet heen. Dus we zeggen vriendelijk: ‘oh no problem, we have time, we can wait.’ We gaan toch met Lars omgeving Chiang Mai verkennen. ‘It will take two weeks!’ zegt ze, in de hoop ons weg te jagen. ‘Ok, no problem’, zeggen we weer vriendelijk. Je ziet haar denken, fuck… ‘No three weeks!’ Oke, prima, zeggen we weer. ‘It will be at least two months!’ Shit… oké, we snappen ‘m, je wilt ons echt niet helpen. ‘But why?’ vragen we. Waarop we een legendarisch antwoord krijgen: ‘No why!’ zegt ze weer een octaaf hoger. We kijken haar vragend aan, waarop ze nog een octaaf hoger zegt: ‘NO ASK WHY!’ En dan begint het smeken. ‘Please, we want to see your beautiful country, it’s very important to us to go to China’, blablablabla. Het lijkt te werken, de dame ontspant wat. Ze neemt onze documenten aan, belooft ons plechtig om te kijken wat ze kan doen en zal ons morgen bellen.
r zit niks anders op dan te wachten. De volgende dag chillen we bij Jimmy’s garage, fixen nog wat huishoudelijke mankementen aan Olly en wachten nerveus op een telefoontje van onze Chinese vriendin. Aan het einde van de dag gaat de telefoon over… Ik zal het gesprek even kort samenvatten: NO! - Why? NO WHY! Oké duidelijk, kunnen we dan morgen langskomen voor een gesprek. Ja? Fijn!
De volgende dag staan we een half uur voor openingstijd voor het hek van het consulaat. Nog voor we achteraan in de rij kunnen aansluiten, staan er twee bewakers voor ons neus. Een van deze botte bazen steekt zijn arm uit en duwt zo onze paspoorten en aavraagformulieren onder onze neus. ‘YOU TAKE.’ Uh… wow! Huh? ‘We want to speak to the consular please!’ ‘NO!’ Ik weiger onze documenten aan te nemen zodat er een ongemakkelijke impasse ontstaat. ‘Why cant we speak to the consular?’ ‘It’s secret!’ zegt de beveiliger wat nerveus. Oké, dit werkt niet, we staan hier nu al een aantal minuten en deze bewaker gaat geen kant op en laat ons al helemaal niet binnen. Laat maar. Kutzooi! Met de staart tussen de benen druipen we af.
Alex en Laura krijgen wel hun visum, de stempels van Turkije en Pakistan staan niet in het paspoort waarmee ze hun Chinese visum hebben aangevraagd. Zou dat dan de boosdoener zijn? Of hebben wij gewoon de verkeerde medewerker te pakken gehad? Alex en Laura hebben achterwege gelaten dat ze met de auto reizen en hun is niet naar een vliegticket gevraagd. Zou de auto dan roet in het eten hebben gegooid? Zo kijken we heel wat koffie dik en proberen we de Chinese logica te ontcijferen zodat we weten wat we de volgende keer anders moeten doen. Maar de sfeer is op zijn zachtst gezegd bedompt. Misselijkmakend. Zelfs de troostpizza valt niet lekker.
En wat moeten we nú doen? Lars komt over een paar dagen deze kant op, fak! De aanhoudende hitte verschrompelt onze breinen, we kunnen zo niet nadenken, op naar de airco van de shopping mall! Eenmaal aangekomen voelen we ons helemaal gebroken. We zijn op. De afgelopen weken waren zo chaotisch en druk, we hebben nog geen moment tijd gehad om even op adem te komen. Van Kathmandu raceten we in een week door India naar Myanmar, waar we in twee weken het hele land zijn door gesleept om te eindigen met een zware grens-bevalling en een garagebezoek. En dan nu deze tegenslag. Hoe gaan we dit nou doen met Lars? En ons Thaise visum, en TIP, en Cambodja? We moeten echt door China! We kunnen anders geen kant op, of we moeten weer terug via Myanmar en India EN Pakistan, no way! Verschepen is ook geen optie, daar is ons bussie met zijn 3.5 meter te hoog voor. Shit, dan zitten we als ratten in de zuidoost Aziatische val.
a alle scenario’s te hebben doorgenomen komen we tot het volgende plan: we rijden toch naar Bangkok, vragen ons visum daar aan, halen daar Lars op van het vliegveld , reizen 10 dagen met hem rondom Bangkok (in plaats van Chiang Mai), verlengen ons Thaise visum en verlengen onze TIP wat zou moeten kunnen in Bangkok, en pakken dan de bus naar Cambodja waar we mijn ouders en Tom en Nicky + kids ontmoeten. Het plan was eigenlijk Olly in Noord-Thailand te laten staan en naar Cambodja te vliegen omdat we dan dichterbij Laos en grens met China zitten. Want mijn ouders vertrekken op 22 mei en ons China avontuur begint op 4 juni. Dat betekent dus dat we met het nieuwe plan wéér een border run in het verschiet hebben, ditmaal van Bangkok naar Mohan, de Laos-Chinese grens. Pffff. Gelukkig zijn de wegen in Thailand veel beter dan Nepal, alleen houden we ons hart vast voor de wegen in Laos.
Oké, maar voor de zekerheid komen we ook met een plan B en C want je weet maar nooit. Plan B gaat in wanneer ons visum wordt afgewezen in Bangkok: dan nemen we Lars mee naar Phnom Penh en proberen het daar nog een keer met ons tweede paspoort. Dat paspoort ligt nu nog in Nederland maar dat zal Lars voor ons meenemen. Dat paspoort is leeg, dus daar moeten we dan een Cambodjaanse stempel in zien te krijgen, want met een leeg paspoort in een vreemd land een Chinees visum aanvragen gaat niet lukken. Hoe krijgen we dat voor elkaar? Want bij de landgrens India-Nepal is het ons ook niet gelukt om van paspoort te switchen. Mmh, misschien als we vliegen? Dan kunnen we de douane wijsmaken dat Bangkok onze stop-over is en we vanuit Amsterdam vliegen (en daarom een leeg paspoort hebben)… Sounds like a plan. En mocht dat niet werken dan proberen we het bij het Chinese consulaat in Vientiane (Laos) nog een keer of we sturen de paspoorten naar Nederland en laten het door een visumbureau regelen (á 300 euro!).
Alle plannen hebben haken en ogen, en na een tijdje moet je zoveel keuzes maken dat je niet meer weet wat goed of fout is. Zien we iets over het hoofd? Maken we de juiste keuzen? Achteraf is mooi lullen maar in het moment moet er knopen doorgehakt worden. We are figuring it out as we go. We slaan een kruisje en hopen voor het beste.
Maar eerst nog even boodschappen doen in deze super megasupermarkt. Wow, wat een genot ze hebben werkelijk ALLES! We wanen ons in de zevende hemel, totdat we naar de prijzen kijken! HOLY SHIT, 21 dollar voor een pak muesli? De ‘normale’ muesli kost alsnog 6 dollar, chorizo 10 dollar, Beemster kaas 14 dollar, volkoren brood 5 dollar, heerlijke yoghurt 4 dolllar, WHAT THE FUCK! Dit is nog erger dan een supermarkt waar ze niks hebben! Het is zo dichtbij, al dit lekkers ligt er voor het oprapen maar ons budget zegt NEEN! Eerst de garage maar eens betalen. nondeju...
anneer we Jimmy hebben betaald geeft hij ons een goede tip om te overnachten bij een meertje. Wanneer we daar aankomen is de hitte niet te harden, de muggen maken het plaatje af. Maar goed, het is beter dan een parkeerplaats. Die avond vieren we Alex zijn verjaardag maar deze wordt ruw verstoord door twee park rangers op een scooter. ‘No park!’ Tenzij we 300 Baht, 10 euro, betalen, dan mag 't wel. Ja later corrupt varken dat je bent, ik ben het helemaal zat, nul zin in discussie, flikker maar op, we pakken alles in en rijden de gitzwarte nacht in. Nondeju, we zijn zo moe, ik wil gewoon even rusten, even op adem komen, maar nee nu zitten we weer in de wagen op zoek naar een plekje.
Uiteindelijk vinden we niks beter dan een tankstation. Het is er bloedheet. Om 00:00 tikt de thermometer de 31 graden aan, de ventilator blaast kokend hete lucht in ons gezicht, de deuren kunnen niet open want we staan in het zicht. We kunnen de slaap maar niet te pakken krijgen, wat de fuck is dit!? Zo worden we helemaal gek! We moeten het over een andere boeg gooien, anders kunnen we niet rustig nadenken en we moeten het hoofd koel kunnen houden in deze hitte. Die nacht besluiten we om een AirBnB te boeken aan de kust en in de buurt van Bangkok zodat we daar ons visa kunnen aanvragen. Na een gebroken nacht op het tankstation, trappen we het gaspedaal in. 800 km aan asfalt naar Zuid-Thailand. We zeggen Alex en Laura gedag. We zien jullie weer bij de Laos-Chinese grens, tenminste, áls we ons Chinese visum krijgen..
HOTO
ALBUM
INLE LAKE
