
olgende vrienden!
Het China visum is in de pocket en we zitten in de bus (niet onze bus helaas) op weg naar Siem Reap, de voormalige woonplaats van Mirte en tevens de plek waar de Marchand Manie tot bloei zal komen. (op onderstaande foto poseert Mirte voor haar voormalige woning) Maar voor het zover is, verblijven we eerst een paar dagen bij Ineke, een oud-collega maar bovenal goede vriendin van Mirte. Ineke is tevens een fervent volgster van onze blogs, waardoor we elkaar vrij weinig te vertellen hadden omdat alles al geschreven en gelezen was. Hoi Ineke!
Ineke is anderhalf jaar geleden haar eigen NGO (Non Governmental Organisation) in Siem Reap begonnen met als doel educatief speelgoed voor kinderen te ontwikkelen. Vol passie vertelt ze over de noodzaak van spelend leren. Westerse kinderen worden doodgegooid met educatief speelgoed maar in Cambodja is er haast niet aan te komen. En onderzoek wijst uit dat hoe vroeger je begint met leren hoe sneller een kind zich ontwikkelt. Een mooie bijkomstigheid is dat Ineke en haar team dit speelgoed ook nog eens maken van gerecycled plastic, goed voor mens en planeet! Voor meer info check: www.panhasabay.com.
Wat ook heel fijn is, maar dan voor onszelf, is dat we gebruik mogen maken van haar logeerkamer! Op voorwaarde dat we meegaan met haar fietsclubje Sorasus (lees: sore asses), die elke zondag, dinsdag en donderdag een stukje gaan fietsen. Ja joh geen probleem, stukje fietsen, how hard can it be? Nou… Daar hebben we ons aardig in vergist, dit clubje expats is extreem fanatiek. Zo erg zelfs, dat sommigen aan het trainen zijn voor een triatlon. Had ik al vertelt dat het tegen de 40 graden is met een luchtvochtigheid van 60%? Nee? Bij deze!
et is zweten geblazen, liters water verdwijnen door het keelgat en sijpelen stante pede weer door onze poriën naar buiten. De super-de-luxe mountainbikes zijn niet voor de show, het is knap lastig manoeuvreren over de zanderige landweggetjes vol diepe kuilen en uitstekende rotsen. Maar de omgeving is prachtig, en het gezelschap zeer aangenaam. Allen zijn expats, sommigen werken binnen het toerisme (deze groep klaagt ook over de invloed van de Chinezen) of bij een NGO (deze groep klaagt over het toerisme). Het levert interessante gesprekken op, over de Chinezen hebben we het al gehad, dus laten we de NGO wereld eens onder de loep nemen.
Cambodja is een land dat barst van de NGO’s en internationale invloeden. Een gevolg hiervan is dat je met de Amerikaanse dollar kan betalen. Sterker nog, de dollar rolt hier vrolijk uit de pinautomaat. Waarom? Na de val van de Khmer Rouge lag de economie van Cambodja in puin, de Cambodjaanse Riel was zo goed als vernietigd door diezelfde Khmer Rouge, en het land kon niet verder zonder steun van buitenaf. Daarom werd de UNTAC (United Nations Transitional Authority in Cambodia) de grootste UN missie ooit! Er werd zoveel geld in de economie gepompt, voornamelijk dollars, dat de Cambodjanen de stabiele dollar als eigen munt omarmden. Tegenwoordig krijg je enkel Riels terug als klein wisselgeld.
Maar daar hield het niet bij op, duizenden NGO’s gingen aan de slag. Ze bouwden scholen, infrastructuur, hielpen oorlogsslachtoffers en ga zo maar door. Alles om het land uit de ellende te trekken. En dat is voor een deel goed gelukt, hulde voor deze ruimhartigheid. Maar we blijven kritisch, ik noem het liever genuanceerd, want het goede draagt altijd de schaduw van het kwade met zich mee. Daar doe je niks aan. De gigantische influx van dollars trekt natuurlijk hordes profiteurs aan. En dan heb ik het niet alleen over de NGO’s zelf, die dit bewust, maar vaker onbewust doen (herinnert u zich het dilemma ‘goed doen’ uit onze Lesbos blog nog?). Nee, ik heb het over de Cambodjanen zelf (sommigen dan, een absolute minderheid). Die starten projecten met als doel er zelf beter van te worden door bijvoorbeeld scholen te bouwen. Maar die scholen hebben het bouwplan van een huis zodat, wanneer het project na een aantal jaar klapt, ze de grond en ‘de school’ kunnen blijven gebruiken als eigen woning. Dit artikel gaat hier dieper op in en is zeer de moeite waard te lezen: http://learningservice.info/so-you-want-to-build-me-a-house-part-one/
en andere kanttekening is dat de de regering niet uitgedaagd wordt of verantwoordelijk gehouden wordt voor de erbarmelijke onderwijssituatie in Cambodja. Laat dat maar aan de NGO’s over, not our problem! En dan is er nog een ergere vorm van oplichterij, eentje waar Mirte in haar tijd in Cambodja actief tegen gestreden heeft. Kinderuitbuiting. Sommige koekwausen starten weeshuizen, klinkt goed, alleen niet wanneer de kinderen geen wezen zijn, maar daar enkel zitten om geld uit de zakken van toeristen te kloppen. Hetzelfde gebeurt met de scholen, die geen scholen zijn.
En laat mij daar nou, ter térgende frustratie van Mirte, met beide benen in trappen. Een vriendelijke Cambodjaan knoopt in het voorbijgaan een praatje met ons aan. We zijn gelijk achterdochtig, maar na een tijdje ouwehoeren laten we ons sociale schild zakken. Net op het moment dat we weg willen lopen, pakt hij zijn rugzak erbij en trekt daar in een soepele beweging drie brochures uit. Of we even naar zijn project willen kijken, een basisschool voor kansarme kinderen. Ja natuurlijk, waarom ook niet? Kunnen we langskomen? Ja dat kan! Oh klinkt als een leuk uitje (dit is ook al fout, kids are not tourist attractions!). Laten we een afspraak maken, dan maken we daar ter plekke een donatie. Is goed, hier is een envelop, schrijf daar je email adres op, dan maken we een afspraak, ok top! Ok, stop nu je donatie in de envelop. Huh wat? Nee, pas als we op bezoek zijn geweest! Maar deze envelop is om te doneren dus ik wil graag nu een donatie, anders kan ik deze envelop niet meer gebruiken en die kost ook geld. En toen viel het kwartje. KUT! We zijn gescammt. Ik prop er een dollar in om van het gezeur af te zijn en we lopen snel door.
Frits, je hebt het steeds over ‘we’, maar Mirte behoort niet tot deze ‘we’, want anders was dit nooit gebeurd. Dus uit wie bestaat deze ‘we’? Goede vraag… wannnnt tromgeroffel, de ‘we’ bestaat uit mijn broertje, en Nicky, zijn vriendin! Zijn die in Cambodja dan? Jaaaaaa! Wat een geweldig bruggetje naar de volgende alinea.
En in deze alinea zijn ze er nog niet, want ‘we’ - Mirte en ik - staan vol ongeduld op ‘ze’ - de familie Marchand - te wachten bij het vliegveld van Siem Reap. En dan vliegt de schuifdeur open, een windvlaag van airco-lucht koelt ons af, maar het aanzicht van de complete familie Marchand zet ons gelijk weer in vuur en vlam. Het moment waar ik zo lang op heb gewacht is eindelijk daar, eindelijk zie ik mijn neefjes weer! Oh ja en mijn moeder, vader, broertje en zijn vriendin waren er toevallig ook, je kan die twee kleine baasjes moeilijk alleen met het vliegtuig laten gaan he! We hosselen drie tuktuk’s, flikkeren al onze bagage en onszelf erin en hobbelen naar ons AirBnB paradijs waar we de komende twee weken ultiem gaan genieten van elkaar en van het zwembad!
ant het zwembad doet dienst als woonkamer! Tygo leert er zwemmen, duiken, en bommetjes te maken. Er worden watergevechten gehouden en belangrijke beslissingen genomen: waar gaan we vanavond uiteten? Ik ben druk met stoeien, het gooien en vangen van Tygo en om vriendjes te worden met Flo. Want toen wij vertrokken was deze kleine baas pas 5 maanden oud. Onze eerste ontmoeting liep daarom ietwat stroef aangezien Flo een kritisch kind is. Hij hield een kleine afstand en keek me met opgeheven wenkbrauwen aan. Maar na een paar kietelaanvallen en knuffels is het ijs al snel gebroken.
En zo chillen we hem als een koekwaus! Even op adem komen van het vele reizen of het harde werken. En als we een ding hebben geleerd in deze twee weken, is dat twee kleine kinderen misschien wel harder werken is dan met een oude bus de wereld over karren. Met twee kleine kinderen ben je 24/7 in de weer, nou ja wíj niet zozeer, wij plukken er slechts vruchten van. Maar Tommy en Nicky hebben hun handen vol. Niet dat Tygo en Flo lastig zijn, ze zijn super lief (oké niet altijd), maar het blijft een routine van luiers verschonen, eten oplepelen, onderhandelen over speelgoed of de smartphone, naar bed brengen, wakker maken, maar vooral zorgen dat ze niet in zeven sloten tegelijkertijd lopen. Mijn hemel, waar haal je de energie vandaan? En wij maar klagen!
ehalve deze twee weken dan, er valt NIKS te klagen, jezus wat saai. Het weer is perfect, af en toe wat regen zodat het lekker afkoelt. Het Khmer eten valt bij iedereen dermate in de smaak dat er enkel nog Khmer wordt gegeten, waardoor ik mijn kans op een Italiaanse pizza zie verdampen (toch een beetje klagen). De familie had van te voren toch wel wat zorgen. Is het wel verstandig zo ver te reizen met twee van die kleine dreumesen? Vrienden en collega’s keken hen met argwaan aan en dat zet je toch aan het denken. Maar bij aankomst was het gelijk duidelijk: dit is een hele goede zet geweest. Het centrum van Siem Reap is een toeristisch walhalla vol met gezellige barretjes, kraampjes en night markets.
Tygo en Flo worden door alle Cambodjaanse vrouwtjes stevig aan de wangetjes getrokken terwijl ze van blijdschap ‘baby, baby, baby!’ kirren. Flo flirt er op los door zijn schoudertjes omhoog te trekken en een weidse glimlach ten toon te spreiden, wat een charmeur. De tuktuk vinden ze prachtig. Met grote ogen kijken ze vol verbazing om zich heen, wat gebeurt er allemaal? Het is werkelijk genieten! Eindelijk kunnen we weer oom en tante spelen, ome Frits en tante Mirte ARE BACK! Het is lastig om onder woorden te brengen hoe veel geluk het ons brengt.
ebben we dan helemaal níks ondernomen? Ohjah zeker wel! Want waar Siem Reap natuurlijk het meest bekend om staat zijn de indrukwekkende tempels van Angkor, en dan met name die van Angkor Wat! Dus we hijsen de hele familie inclusief buggy en rolstoel twee tuktuks in en we gaan op avontuur! Maarrrrr eerst is het tijd voorrrrrr: CONTEXT! Jeeeeeuj! En daarvoor hebben we het Fun Fact-KANON! Helmpjes op, daar gaan we:
Het Khmer rijk is meer dan 1100 jaar oud en gestart door Jayavarman II. Binnen no time stampt hij een koninkrijk uit de grond dat al snel weer ín de grond wordt gestampt. Het wordt pas echt feest wanneer Suryavarman II het flikt om het Khmer rijk weer te herstellen en uit te breiden. Het huidige Thailand, Myanmar, Maleisië, Laos, Vietnam en delen van China vallen onder zijn regime. Het is de gouden eeuw van het Khmer rijk. En om daar wat status aan te geven besluit hij een gigantische tempel te bouwen: Angkor Wat.
Angkor Wat telt meer stenen dan alle stenen van alle Pyramides in Egypte bij elkaar opgeteld! Het kostte drie man één dag om één steen uit te hakken. Deze werd vervolgens zo’n 50 kilometer per vlot over een rivier of over land door een van de 6000 olifanten naar de bouwplek getrokken. Hele legers slaven kwamen er aan te pas om dit huzarenstukje te fabriceren. Oh en had ik al verteld dat de tempel is gebouwd op een moeras? Dat het tijdens het regenseinzoen nooit overstroomt? En in het droogteseizoen nooit verzakt? Dit hebben ze voor elkaar gekregen door een gigantische gracht (200 meter van kant tot kant, 5 kilometer lang) om de tempels te graven, waardoor het grondwaterpeil altijd constant blijft en de grond en dus ook de tempel nooit verzakken. WAUW!
og een Fun Fact: door dat irrigatiesysteem kon er gedurende het hele jaar rijst worden verbouwd, en daarmee konden heel wat buikjes worden gevuld. En met heel wat buikjes, bedoel ik héél wat buikjes: in de hoogtijdagen, zo rond het jaar 1100, leefden er 1 miljoen mensen rondom de tempels. Ter vergelijking: Londen telde toentertijd 70.000 inwoners en Parijs 100.000! KOEKOEK!
FunFact #14: De tempels waren kleurrijker dan de grijze blokken die we tegenwoordig zien. Archeologen hebben aanwijzingen gevonden dat de tempels wit van kleur waren met gouden accenten. Maar ook de kleuren rood, geel en groen zijn tijdens opgravingen teruggevonden. En wij kunnen dit bevestigen! Als je goed kijkt zie je inderdaad nog sporen van rood. De reliëfs zijn zo verfijnd en geen een is hetzelfde. Een van onze favorieten was toch wel de Bayon tempel, waar zo’n 200 gezichten je van elke hoek aankijken, er is geen ontsnappen aan! Geen enkel gezicht is hetzelfde en het verhaal gaat dat elk gezicht een afbeelding is van verschillende vrouwen die rondom de tempels woonden!
en iets minder Fun Fact: tijdens de Khmer Rouge periode werden intellectuelen, maar ook artiesten uitgeroeid. Zo ook de wereldbefaamde Apsara danseressen. Deze heilige dansen, die stammen uit de tijd van Jayavarman II, verdwenen bijna van de aardbodem. Bijna, want door de reliëfs, die in alle tempels zijn terug te vinden, worden de Apsara dansbewegingen afgebeeld. Na het Khmer Rouge regime zijn deze bestudeerd waardoor de Apsara dans weer in ere is hersteld en wij, samen met pa en ma, een avondje konden genieten van een prachtige Apsara voorstelling.
Het gehele Angkor gebied is meer dan 400 km2 groot, er zijn rond de 72 tempels te vinden! Het kost je minimaal een week om ze allemaal te bezoeken. En bezoekers zijn er genoeg, vorig jaar zijn er meer dan 2 miljoen mensen op bezoek gekomen! Die betalen per persoon 37 dollar voor een dag, 64 dollar voor drie of 75 dollar voor zeven dagen. KA-FUCKING-CHING! Damn, Wat (pun intended) Lekker! Voor de minister-president dan, hij heeft de licentie voor de ticketverkoop verpacht voor 100 jaar aan een commercieel bedrijf, en zijn zakken zo goed gevuld. Daar ziet de bevolking HE-LE-MAAL NIKS van terug, nou ja, volgens mij gaat 10 procent naar een goed doel, maar dat is meer voor de bühne. Achja… Wat doe je er aan? Je koopt een ticket voor drie dagen en huurt de volgende dag met z’n vieren vier e-bikes en gaat lekker rond zoeven!
ver afzetterij gesproken… Ik wil er verder niet al teveel woorden aan vuil maken, maar het moet er toch even uit. Tijdens onze trip naar een floating village zijn we echt keihard genaaid. Het was 20 dollar per persoon (120 dollar in totaal) voor een bootritje naar de floating villages. Oké, normaliter zou ik gelijk zijn omgedraaid maar ik dacht he, we zijn met de familie, fuck it, nu niet moeilijk doen, laten we het maar doen. Nog geen 15 minuten later zien we de floating village aan de horizon verschijnen, maar oepserdefloeps, de boot meert aan bij een drijvend restaurant. Een vrolijke man komt op me afgestapt. “You want to go to the floating village?” “Uh… yes, aren’t we going there?” “Yes, but you need another boat, only 20 dollar per person!” Uh… WHAT!? Nog eens 20 dollar voor een kleine klote boot om dat kleine stukje te varen, ben je gek geworden? “No, no but it’s for the community.” En toen, toen werd ik best wel een beetje boos. Vooral omdat er overal bedelende gezinnen in kleine bootjes ronddobberden en de huisjes die we van afstand konden zien er als kleine bouwvallen bij dreven. “This money doesn’t go to the community, I rather give my money to these poor people than to you ***hole! You should be ashamed of yourself.” Als ik eraan terugdenk word ik weer woest. Stelletje oplichters, en dan de community-kaart spelen. Alsof het geld van de duizenden toeristen per jaar daadwerkelijk naar de community zou gaan, dan zouden deze mensen geen dag meer hoeven te werken en in riante woonboten wonen waar menig Amsterdammer jaloers op zou zijn.
We vertikken het om verder te varen en maken rechtsomkeert. Het duurt even voordat ik ben afgekoeld maar tegen de tijd dat we weer in de tuktuk van Vuthea (onze persoonlijke tuktuk driver) zitten, gaat het alweer beter. Totdat ik me realiseer dat Vuthea slechts 15 dollar vraagt om ons een halve dag rond te rijden. Ik geef nog liever 120 dollar aan hem dan… Blahblah blahblah. We bezoeken nog een lotusfarm en eten een hapje mee bij de plaatselijke Pagoda en gaan linearecta het zwembad in! Om eens even goéd af te koelen…
e tijd vliegt voorbij en voor we het weten staat het afscheid alweer bijna voor deur. We gaan nog een keer lekker ontbijten, nog een keer zwemmen, we eten nog een keer bij ons favoriete Khmer tentje. De tijd is zo ontzettend snel voorbij gevlogen. Ik kan me nog goed herinneren dat we op het vliegveld stonden te wachten en dacht: geniet ervan want voor je het weet sta je alweer afscheid te nemen, en dat moment is nog sneller gekomen dat ik al vreesde.
Sterker nog, de afgelopen weken zijn als een roes aan me voorbijgetrokken. Twee weken Myanmar en *poef* we zijn in Chiang Mai, Thailand *poef* we zijn in Bangkok *poef* daar is Lars *poef daar gaat Lars *poef* we zijn in Phnom Penh *poef* daar is de familie *poef* we staan te wachten op de tuktuk die ons naar het busstation zal brengen *poef* daar istie al. Ik geef iedereen een dikke knuffel, een kus op de wang, en voor we het weten zien we hoe de familie Marchand steeds een beetje kleiner wordt totdat ze achter de horizon verdwijnen en *poef* we zitten in de bus naar Bangkok. Aan alles komt een eind. *poef*
HOTO
ALBUM
SIEM REAP
